Home - Stichting Vrienden van "Het Twiskehuis"

Statuten

Artikel 1.

  1. De stichting is genaamd: Stichting vrienden van "Het Twiskehuis".
  2. Zij is gevestigd te Amsterdam.

Artikel 2.

  1. De stichting heeft ten doel:
    het verenigen van bedrijven, overheid en maatschappelijk middenveld, om via sponsoring dan wel door inzet van personen sociale en/of culturele voorzieningen te realiseren ten behoeve van de bewoners van ‘Het Twiskehuis’ te Amsterdam.
  2. De stichting tracht dit doel te verwezenlijken door: al datgenen te doen wat in het belang is van de bevordering van de leef- en woonkwaliteit van de bewoners van ‘Het Twiskehuis’ te Amsterdam, een en ander in de ruimste zin van het woord.
  3. De stichting beoogt niet het behalen van winst.

Artikel 3.

Het vermogen van de stichting wordt gevormd door:

  1. hetgeen de stichting bij wijze van subsidie, erfstelling, legaat of schenking of op enige
    andere wijze verkrijgt;
  2. inkomsten uit het vermogen van de stichting.

Artikel 4.

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur van de stichting -verder te noemen "het bestuur"- zal bestaan uit ten minste vijf
    leden. Het aantal bestuursleden wordt - met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde - door het bestuur met gewone meerderheid van stemmen vastgesteld. Indien er meer dan drie leden zijn in het bestuur zal er altijd een oneven aantal bestuurders zijn.
  3. Het bestuur benoemt uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. Het kan voor elk van hen uit zijn midden een vervanger aanwijzen. Een bestuurslid kan tijdelijk meer dan één functie bekleden. Het bestuur kan onder zijn verantwoordelijkheid een of meer commissies instellen waarbij met name wordt gedacht aan een comité van aanbeveling en een groep van ambassadeurs die de doelstelling van de stichting propageren.
  4. De secretaris voert, volgens de aanwijzingen van het bestuur, de correspondentie; hij houdt notulen van de vergaderingen, welke met afschriften en uittreksels daarvan door de voorzitter en de secretaris worden ondertekend. Deze stukken gelden voor en tegenover derden als bewijs van de daarin vermelde besluiten van de betrokken vergaderingen.
    Het archief van de stichting berust bij de locatiemanager van "Het Twiskehuis" te
    Amsterdam, zoals hierna gemeld.
  5. De penningmeester voert de financiële administratie en beheert de gelden van de stichting,
    één en ander volgens de aanwijzing van het bestuur.
  6. Aan het vervullen van enige functie in het bestuur is generlei vergoeding verbonden; wel
    kunnen daartoe de noodzakelijk gemaakte kosten bij de stichting in rekening worden gebracht.
  7. Elke bestuurder is tegenover de stichting gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Indien het een aangelegenheid betreft, die tot de taak van twee of meer bestuurders behoort, is ieder van hen voor het geheel aansprakelijk ter zake van een tekortkoming, tenzij deze niet aan hem te wijten is en hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.

Artikel 5.

  1. De stichting wordt vertegenwoordigd door het bestuur, alsmede door twee gezamenlijk
    handelende bestuursleden afkomstig uit de kring van voorzitter, secretaris en
    penningmeester, dan wel hun plaatsvervangers.
  2. Het bestuur is niet bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging,
    vervreemding en bezwaring van registergoederen, het sluiten van arbeidsovereenkomsten
    of het aangaan van geldleningen.
  3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de
    stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk
    maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.
  4. Erfstellingen mogen slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.

Artikel 6.

  1. In afwijking van het hierna bepaalde is de locatiemanager van "Het Twiskehuis" te
    Amsterdam, hierna ook te noemen: "locatiemanager", in zijn gemelde hoedanigheid permanent lid van het bestuur. Indien de locatiemanager:

a. ontslag neemt uit zijn dienstbetrekking;
b. uit zijn dienstbetrekking door zijn werkgever wordt ontslagen;
c. het einde van zijn dienstbetrekking door zijn werkgever wordt aangezegd; of
d. door zijn werkgever wordt geschorst, dan wel op non actief wordt gesteld, dan dient deze werkgever onmiddellijk voor een adequate vervanger van dit permanente bestuurslid zorg te dragen.

  1. De bestuurders worden benoemd voor een periode van vier jaar. Zij treden af volgens een door de locatiemanager op te maken rooster. Een volgens het rooster aftredend bestuurder is onmiddellijk, doch ten hoogste één maal herbenoembaar.
  2. Twee leden van het bestuur worden benoemd op voordracht van de cliëntenraad van "Het Twiskehuis" te Amsterdam.
  3. In een ontstane vacature wordt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes maanden na het ontstaan daarvan, door het bestuur overeenkomstig het hiervoor bepaalde zelf voorzien, bij gebreke waarvan die voorziening zal geschieden door de rechtbank binnen wier rechtsgebied de stichting is gevestigd, op verzoek van iedere belanghebbende of op vordering van het openbaar ministerie. De in de vacature benoemde bestuursleden nemen overeenkomstig het rooster van aftreden de plaats van hun voorgangers in.
  4. Ingeval van één of meer vacatures in het bestuur vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het overblijvende bestuurslid, een wettig samengesteld bestuur.
  5. Bij de benoeming van een nieuwe bestuurder dient voorkomen te worden dat - wegens - familierelatie met een ander bestuurslid - het predicaat "algemeen nut beogende instelling" komt te vervallen.

Artikel 7.

Tot leden van het bestuur kunnen niet worden benoemd:
a. minderjarigen;
b. degene, over wie een curator of mentor is aangesteld dan wel over wiens vermogen een
bewindvoerder is benoemd;
c. degenen, aan wie de wet anderszins het vrije beheer over hun vermogen heeft ontnomen;
d. degenen, die aan de eisen voor het bestuurslidmaatschap, welke eventueel in deze statuten
worden gesteld, niet voldoen.

Artikel 8.

Het lidmaatschap van het bestuur eindigt:
a. door ontslagneming;
b. wanneer een lid niet meer voldoet aan de vereisten voor zijn benoeming gesteld;
c. door overlijden;
d. door ontslag;
e. door ontslag krachtens rechterlijke beslissing als bedoeld in artikel 2:298 van het
Burgerlijk Wetboek.

Artikel 9.

Een bestuurslid, wiens lidmaatschap ingevolge artikel 8 sub a is geëindigd, blijft zo mogelijk in functie tot en met de dag, dat de opvolger is benoemd en deze verklaard heeft de functie te aanvaarden.

Artikel 10.

Onverminderd het bepaalde in art 6.1 kan ieder bestuurslid te allen tijde uit zijn functie worden geschorst of ontslagen bij een gemotiveerd besluit van het bestuur van de stichting, hetwelk genomen moet worden met algemene stemmen. Aan het betrokken bestuurslid moet door het bestuur de gelegenheid worden gegeven om te worden gehoord en zijn verdediging te voeren.
Indien in deze vergadering niet het vereiste aantal bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt een nieuwe vergadering belegd, welke binnen één maand doch niet eerder dan veertien dagen na de eerste vergadering wordt gehouden en waarin tot schorsing of ontslag van het bestuurslid met algemene stemmen kan worden besloten, ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde bestuursleden.

Artikel 11.

  1. Het bestuur vergadert ten minste tweemaal per jaar en verder zo dikwijls de voorzitter het
    nodig acht of ten minste twee leden hem daartoe schriftelijk hun verlangen, met opgaaf van de te behandelen onderwerpen, te kennen geven. In dit laatste geval moet de vergadering binnen veertien dagen, nadat het verzoek daartoe bij de voorzitter is binnengekomen, worden gehouden.
  2. Indien deze vergadering niet binnen die tijd is gehouden, is elk van de verzoekers bevoegd de verlangde vergadering samen te roepen.
  3. Alle vergaderingen worden geleid door de voorzitter of diens plaatsvervanger of, zo beiden ontbreken, door het oudste ter vergadering aanwezige bestuurslid. Zij worden schriftelijk bijeengeroepen door de secretaris met inachtneming van een termijn van zeven dagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet medegerekend. De oproepingsbrieven vermelden behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
  4. De leden van het bestuur zijn bevoegd zich uitsluitend door een schriftelijk gevolmachtigd medebestuurslid ter vergadering te doen vertegenwoordigen. Een bestuurslid kan daarbij slechts voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden.
  5. Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen, voor zover in deze statuten niet anders is bepaald; over personen wordt gestemd met gesloten briefjes, over zaken wordt mondeling gestemd.
  6. Besluiten tot:
    a. het huren, verhuren, of op enige wijze vestigen of beëindigen van dergelijke of andere
    gebruiksrechten van registergoederen;
    b. het aangaan van dadingen, akkoorden en compromissen;
    c. het voeren van processen, waaronder niet is begrepen het voeren van fiscale procedures, het nemen van conservatoire maatregelen en het optreden in korte gedingen;
    d. het aanvragen van het faillissement van de stichting of van surséance van betaling;
    e. in het algemeen het aangaan van andere rechtshandelingen, een bedrag of waarde,
    zoals nader door het bestuur zal worden vastgesteld, te boven gaande, waarbij handelingen tussen dezelfde partijen binnen het tijdsbestek van één maand verricht als één handeling zullen gelden,
    kunnen slechts worden genomen met instemming van het voltallige bestuur.
  7. Omtrent onderwerpen waarvan de behandeling niet bij de oproeping is aangekondigd met
    inachtneming van de voor oproeping gestelde termijn, kan niet wettig worden besloten, tenzij het besluit met algemene stemmen wordt genomen in een vergadering waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
  8. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk, per telefax, per e-mail of anderszins langs elektronische weg hun mening te uiten. Van een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na medeondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.
  9. a. Het door de voorzitter uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgesteld voorstel.
    b. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het hiervoor sub a. bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid van de vergadering, of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  10. Bij staking van stemmen over personen en in alle andere gevallen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Blanco en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht.

Artikel 12.

  1. Het boekjaar loopt van één januari tot en met éénendertig december van elk jaar. Het bestuur benoemt jaarlijks een kascontrolecommissie, bestaande uit minimaal twee personen die geen deel uit mogen maken van het bestuur. De commissie controleert de boeken en de bescheiden van de penningmeester over het afgelopen jaar en brengt bij het overleggen van de jaarstukken door de penningmeester aan het bestuur verslag uit.
  2. Het bestuur is verplicht tot het houden van zodanige aantekeningen omtrent de vermogenstoestand van de stichting, dat daaruit te allen tijde zijn rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  3. Jaarlijks voor één april wordt een door de penningmeester opgemaakte balans en een rekening en verantwoording over het vorige boekjaar met bescheiden in een vergadering van het bestuur behandeld. De jaarstukken worden door het bestuur vastgesteld. Deze vaststelling strekt de penningmeester tot décharge.
    Het bestuur zendt de jaarstukken ter informatie aan de cliëntenraad van Het Twiskehuis alsmede aan het bestuur van de zorgaanbieder die verantwoordelijk is voor de te leveren zorg in Het Twiskehuis’
  4. Het bestuur is verplicht de in de vorige leden bedoelde bescheiden en andere gegevensdragers zeven jaar lang te bewaren.
  5. Jaarlijks, in de maand november, maakt de penningmeester een begroting op voor het komende boekjaar en legt deze begroting uiterlijk in de maand december aan het bestuur voor.
  6. De stichting houdt niet meer vermogen aan dan redelijkerwijs nodig is voor de continuïteit van de voorziene werkzaamheden ten behoeve van haar doelstelling. Het is toegestaan verkregen vermogen in stand te houden als dit door de erflater of schenker is bepaald.

Artikel 13.

  1. Een besluit tot wijziging van de statuten of tot opheffing van de stichting kan slechts
    rechtsgeldig worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle
    bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd moeten zijn.
  2. Indien in deze vergadering niet alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, wordt een
    nieuwe vergadering belegd, welke binnen één maand, doch niet eerder dan veertien dagen na de eerste vergadering wordt gehouden en waarin tot wijziging van de statuten of tot opheffing van de stichting met algemene stemmen kan worden besloten, ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Artikel 14.

  1. De stichting wordt ontbonden:
    a. door een besluit van het bestuur als hiervoor bepaald;
    b. door insolventie, nadat zij in staat van faillissement is verklaard of door de opheffing
    van het faillissement wegens de toestand van de boedel;
    c. door rechterlijke uitspraak in de gevallen in de wet bepaald;
    d. ingevolge een daartoe strekkende beschikking van de Kamer van Koophandel binnen
    welker gebied de stichting haar zetel heeft, zulks conform het bepaalde in artikel 2:19a lid 2 van het Burgerlijk Wetboek.
  2. a. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan indien en voorzover dit voor de vereffening van haar vermogen nodig is; in stukken en aankondigingen die van de stichting uitgaan worden dan aan de naam toegevoegd de woorden "in liquidatie";
    b. gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten voor zoveel mogelijk van kracht.
  3. Bij het besluit tot ontbinding der stichting wordt na overleg met de cliëntenraad van Het Twiskehuis vastgesteld welke bestemming aan de bezittingen zal worden gegeven. Deze bestemming moet primair ten goede komen aan de bewoners van ‘Het Twiskehuis’ maar in het onvoorziene geval een algemeen maatschappelijk doel voor ouderen in Amsterdam dienen
    De bestemming van een batig liquidatiesaldo en/of van de stichtingseigendommen, welke onder meer is/zijn verkregen door subsidies, is echter onderworpen aan de goedkeuring van de subsidiegever(s).
  4. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende zeven jaren berusten bij een door het bestuur aan te wijzen natuurlijke persoon of rechtspersoon.

Artikel 15.

  1. De voor het bereiken van het doel van de stichting geëigende organisatie en
    werkzaamheden van de stichting, worden, voor zover nodig, door het bestuur in een huishoudelijk reglement geregeld. Het huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten in strijd met de wet en deze statuten.
  2. In alle gevallen, waarin de wet, de statuten of het huishoudelijk reglement niet voorzien, beslist het bestuur.

Ten slotte verklaarde de comparant, handelende als gemeld, ter uitvoering van deze akte woonplaats te kiezen ten kantore van de notaris, bewaarder van deze minuutakte.

Slot

Waarvan akte, in minuut opgemaakt is verleden te Amsterdam op de datum in het hoofd van deze akte gemeld. De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. De zakelijke inhoud van de akte is aan hem opgegeven en toegelicht. De verschenen persoon heeft verklaard van de inhoud van deze akte te hebben kennis genomen en met de beperkte voorlezing daarvan in te stemmen. De identiteit van de bij deze akte betrokken verschenen persoon is door mij, notaris, aan de hand van de hiervoor gemelde en daartoe bestemde documenten vastgesteld. Vervolgens is deze akte beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna ondertekend, eerst door de verschenen persoon en vervolgens door mij, notaris.